Nieuws
12-10-2014 door DVDP

Baardmannetjes strijken neer in Snippenweide

Baardmannetjes strijken neer in SnippenweideZondagmiddag werd een grote groep baardmannetjes ontdekt in de Snippenweide. ADV zag ze over de huizen in Eine vliegen. Hij zag ze daarna neerstrijken in de Snippenweide.

Kort daarna werd de groep teruggevonden door andere vogelkijkers. 23 baardmannetjes werden geteld. De groep was erg mobiel en nerveus. Van lisdodde, naar het riet, dan even in een wilgje, etc... Het duurde dan ook niet lang voor de groep plots omhoog ging en over de wilgen en de Schelde hun tocht naar zuidwest verder zette.

Het is de zevende waarneming van baardmannetje in de afgelopen 15 jaar voor de regio VA+. De grootste groep werd gezien in het Paddenbroek in oktober 2010. Toen lieten 34 ex. zich zien aan TLI.

Foto: Baardmannetje, Snippenweide, Eine door DVDP. 
04-10-2014 door DVDP

Eurobirdwatch

EurobirdwatchVandaag was het de eerste van twee Eurobirdwatchdagen. Overal in Europa werden de trektelposten zoveel mogelijk bemand. Ook de Vogelwerkgroep Vlaamse Ardennen plus deed mee met twee telposten: de Vinkemolen in Zwalm en de uitkijktoren in Kruishoutem.

Het werd al snel duidelijk dat het wel eens een goede dag kon zijn. Al van bij het krieken van de dag kwamen de zangvogeltjes goed door. Zanglijsters, vinken, spreeuwen, ... .

We werden ook verwend met enkele zeldzaamheden. Zo passeerden langs de Vinkemolen in totaal 10 grote zilverreigers. in Kruishoutem werden er 14 genoteerd. Een visarend passeerde aan de Vinkemolen, terwijl een half uurtje later ook nog 2 zwarte ooievaars werden ontdekt boven de Scheldevallei. Een fietsende GCO had op weg naar huis van de uitkijktoren in Kruishoutem ook nog een grote pieper. Fietsen is dus niet enkel gezond, het levert ook nog wat vogels op!

De drank werd pas uitgedeeld na de middag, om dubbeltellingen te vermijden ;-)

De volledige tellingen vind je hier:

http://trektellen.nl/trektelling.asp?telpost=1060

http://trektellen.nl/trektelling.asp?telpost=1428 
24-09-2014 door DVDP

Broedpogingen bruine kiekendief mislukken

Broedpogingen bruine kiekendief mislukken
Voor zover bekend is, vonden er in 2014 twee broedpogingen van de bruine kiekendief plaats. Een koppeltje probeerde het in het rietveld aan de centrale in Ruien. Het andere koppel werd gezien in de Langemeersen in Petegem. Het laatste koppeltje werd met bijzondere aandacht gevolgd, gezien het mannetje zgn. wingtags droeg. 

De bruine kiekendief is een roofvogel die aangetrokken wordt door rietmoerassen en grote waterpartijen omzoomd met riet. Af en toe durven ze ook wel eens broeden in een graan- of koolzaadveld. Het nest bevindt zich op de grond. Ze leven van knaagdieren, vogels, vissen, reptielen en amfibieën. Deze elegante rovers herstellen momenteel van enkele rake klappen die ze kregen vanaf de jaren ’60. Het heeft aan een zijden draadje gehangen. Habitatverlies, jacht en pesticiden brachten de soort op de rand van de afgrond in België en het aantal broedparen beperkte zich toen tot de Blankaart in West-Vlaanderen en enkele rietpartijen in Limburg. Dankzij wettelijke bescherming kon de soort zich gelukkig handhaven en langzaamaan herstellen tot een climax van 160 broedparen in Vlaanderen in 2002. Vanaf dan ging het echter weer naar omlaag tot 70-80-tal broedparen in 2010. De poldergebieden van de Kust, Meetjesland en Beneden-Zeeschelde herbergen de meeste broedparen.

Begin april werd in de Langemeersen meerdere keren één of twee bruine kiekendieven gemeld. Gezien het tijdstip in volle trekperiode voor deze soort, werd nog niet meteen aan broeden gedacht. Pas vanaf half april werd duidelijk dat het wel degelijk een koppeltje was en dat het mannetje wingtags droeg (DVDP). De slanke rovers trokken wel wat andere vogelkijkers aan en de activiteit rond het nest werd in het begin goed opgevolgd. Nadat de aandacht wat wegebde bij de andere vogelkijkers, heeft THE het broedsel nauwzettend opgevolgd. Zowel het mannetje als het vrouwtje werden baltsend waargenomen, er werd nestmateriaal aangebracht, enz… Helaas is het broedsel op niks uitgedraaid en werden er geen jongen geboren.

Dankzij het aflezen van de wingtags, die eigenlijk gekleurde plaatjes zijn bevestigd op de vleugel met symbolen erop, kon de leeftijd en herkomst van het mannetje achterhaald worden. Op de rechtervleugel een rood plaatje met witte bol, op de linkervleugel een wit plaatje met zwarte driehoek. Het bleek om een 2e zomer mannetje te gaan, geringd in 2012 in Zuiddorpe, provincie Zeeland (NL), zo’n kleine 10 km ten no. van Zelzate. Via Facebook kan je het reilen en zeilen van de gemerkte kiekendieven volgen via de groep “Bruine kiekendief”.

Ook in Ruien draaide het broedsel uit op een sisser. Een volwassen vrouwtje was daar gekoppeld aan een 2e kalenderjaar mannetje. Het vrouwtje verjoeg o.a. een overvliegende zwarte kraai uit het gebied tijdens de periode van de eileg. Het vrouwtje werd verschillende malen gezien boven de rietkraag. Het nest werd op latere datum leeg teruggevonden. (NDS, TLI).

Het laatste geslaagde broedgeval in de Langemeersen dateert van 2011. Toen werden er drie blakende jongen geboren (THE). Helaas werden in de derde week de jongen op zo’n 60 cm van het nest dood teruggevonden. Doodsoorzaak onbekend. Ook onderzoek in het labo achteraf kon geen uitsluitsel brengen. In 2012 en 2013 was er wat balts en nestindicerend gedrag, maar tot broeden is het nooit gekomen. In Ruien is er al minstens twee keer een nest met jongen voortgebracht, waar er toen ook een verloren is gegaan met bijna vliegvlugge jongen (NDS). In 2012 was er ook balts en nestbouw aan de Weiput in Zingem, maar een broedpoging bleef uit.

Hoe komt het nu dat zoveel broedpogingen uitblijven, ondanks balts en nestbouw, ofdat ze mislukken? Het blijft gissen. Wat vaak blijkt is dat de mannetjes nog niet volwassen zijn (zie vogel met wingtags). Misschien zijn ze te onervaren, brengen ze te weinig prooi aan doordat ze nog aan hun jachttechniek moeten schaven? Een andere piste is dat onze streek niet genoeg voedsel biedt aan deze prachtige rovers doordat onze natuurgebieden niet groot genoeg zijn en ze dus verder moeten uitzwerven op zoek naar voedsel waardoor het nest kwetsbaarder is. Ook bepaalde meteorologische omstandigheden zoals droogte maken het nest kwetsbaar voor predatie (door o.a. vos). Dit was mogelijks het geval dit jaar in Ruien. Een verklaring ligt misschien wel in een combinatie van bovenstaande factoren. 

Hopelijk mogen we in de nabije toekomst eens een broedgeval hebben waarbij we de jongen hun sierlijke glijvluchten zien maken onder goedkeurend oog van de ouders. Het is natuurlijk noodzakelijk dat we deze bijzondere vogels nauwgezet blijven opvolgen.

Dimitri Van de Populiere

Bronnen:
“Zijn er nog vogels” , door L. Menschaert.
“Atlas van de Vlaamse broedvogels 2000-2002”

Foto: Paul Vandenbulcke